Zoeken

Gebitsproblemen bij hond en kat

U kent het wel. Gezellig met uw hond of kat knuffelen en die verschrikkelijke geur die uit zijn of haar bekje komt. Soms is de stank zo erg dat baasjes overgaan tot actie, maar vaak is het dan al te laat en kunnen de problemen zo ver gevorderd zijn dat tandjes los gaan zitten en getrokken moeten worden.

Wist u dat maar liefst 80 procent van de honden en 70 procent van de katten kampt met een gebitsprobleem? Hoe is dit te voorkomen? Hier vertellen wij u graag meer over.


Hoe ontstaat het?


Problemen beginnen vaak onschuldig met tandplak. Tandplak is een geelwit laagje dat bestaat uit voedselresten, speeksel en bacteriën. Mineralen uit het speeksel kunnen tandplak omzetten in tandsteen. Tandplak is vaak makkelijk thuis te verwijderen. Door bijvoorbeeld dagelijks de tanden te poetsen kunt u gemakkelijk de tandplak verwijderen. Eenmaal ontstane tandsteen moet professioneel verwijderd te worden.


Op het tandsteen zitten veel bacteriën die vanaf daar tot ontsteking en beschadiging van het tandvlees kunnen leiden. Ontstoken tandvlees wordt rood, gezwollen en pijnlijk. Vanaf dit moment komt er ook een vieze geur uit de mond van de hond of kat. Het tandvlees sluit niet meer aan op de tanden en/of kiezen en er ontstaan holtes, oftewel pockets. In deze holtes hoopt vuil met bacteriën op. Vanuit deze holtes kunnen de wortels aangetast raken, maar ook bijvoorbeeld het kaakbot. Tanden en kiezen kunnen door de ontsteking los gaan zitten en kunnen veel pijnklachten geven. Veel dieren laten dit niet zo snel merken, dus ze zullen niet snel stoppen met eten zoals vaak wordt aangenomen. Dit gebeurt pas in een vergevorderd stadium.


Herkennen van een gebitsprobleem

Veel eigenaren vinden het lastig om gebitsproblemen te herkennen. Het is ook vaak lastig omdat het begint met vage klachten die niet of nauwelijks worden opgemerkt of gezien als klacht van een gebitsprobleem. Zelfs in ernstige mate van gebitsproblemen is het vaak lastig te herkennen dat het ook daadwerkelijk van het gebit komt omdat de meeste honden en katten gewoon blijven dooreten. Maar dat uw dier nog eet wil niet zeggen dat hij of zij geen